Door Tessa Overbeek

In december 2012 interviewde Tessa Overbeek de regisseur en artiesten van de voorstelling Undermän. Hun tour liep ten einde; een mooi moment om uitgebreid terug te kijken op een voorstelling die veel teweegbracht. Hieronder vind je een verslag van het interview, dat we in vier delen publiceren: op 20 augustus verscheen de inleiding, met een stuk over het ontstaan van de voorstelling, op 27 augustus een deel over de tour en receptie van Undermän, vandaag verschijnen gesprekken over circus en echtheid en op 10 september het laatste deel, over het leven na Undermän. Wil je reageren of heb je vragen, laat van je horen!

This interview is also available in English.

 

Deel 3 – Circus en echtheid

Olle Strandberg

In je interview in Sideshow Magazine zei je dat je ongeveer 90% van de circusshows die je ziet maar niks vindt. Kun je uitleggen wat je in die shows mist?

Eigenlijk denk ik dat ik zoveel dingen maar niks vind omdat ik al een idee heb van wat ik als een eerlijke voorstelling beschouw. Ik ben een beetje moe van shows die zich verstoppen achter een intellectuele façade om het gebrek aan inhoud te verhullen, of shows met een artistiek idee over een of andere ontspannen zelf-distantie en valse eerlijkheid zonder te beseffen dat het gebrek aan ware inhoud onder de oppervlakte er doorheen schijnt. Circusshows met een idee dat een theatrale narratief de show verder zal brengen, maar zonder respect voor of begrip van circus als vakmanschap en kunstvorm, of het tegenovergestelde. Maar ik hou ook van heel veel voorstellingen en ik geloof niet dat ik het recept heb voor de perfecte show. Ik verlang er gewoon naar om geraakt te worden en ik denk dat ik geraakt word als ik niet het gevoel heb dat mensen alsof doen of nep zijn. Met mensen bedoel ik mensen op het podium, of producenten, regisseurs, artistiek leiders, etc. Maar als ik iets mooi vind, dan vind ik het ook écht mooi, dus misschien kan ik me gewoon niet uitdrukken in nuances.

Welke shows vind je mooi?

Zimmerman & De Perrot. Hans was Heiri. Geweldig! Ik vind hem op veel manieren mooi. Ze hebben sterke personages. Ze noemen zichzelf fysiek theater, ook al hebben ze allemaal een circus achtergrond. Of misschien noemen ze het alleen maar theater, misschien niet eens fysiek, ik weet het niet. Ik heb hem een paar keer gezien en word er erg door geraakt. Een deel van de clownerie is soms een beetje té, maar als show vind ik hem echt geweldig. Het gaat vrij goed met die show en ik ben daar erg blij om, omdat hij zo bizar is. En Cirque Aïtal. Ze hebben ook dat theatrale aspect, maar ze gaan ook een beetje richting het traditionele met een tent, en de manier waarop ze het presenteren, maar het voelt eerlijk voor mij. En bij shows over jongleurs word ik ook erg emotioneel. Zoals Wes en Patrik. Meestal zie ik ze in de circuszaal in Alby, waar ik werk. En dan zeggen ze: ‘We hebben een nieuwe twintig minuten’. Ze creëren materiaal als (maakt knip geluid met zijn handen). Ik heb nog nooit iemand zo veel materiaal zien creëren. En ze maken me heel vaak aan het huilen. Hun technische vaardigheden zijn zó…maar het is niet alleen dat, ze plaatsen ze in een context en dan hou ik gewoon van ze. Als dat gebeurt hou ik van het leven. En dat is alleen door hen en de techniek. Ze gebruiken geen decors of maskers, maar ze ontwikkelen zich constant en dat geeft me op een of andere manier een reden om te leven. Zo sterk is het. En ook Maksim Komaro vroeger, toen hij jongleerde. Hij kan persoonlijk zijn op het podium. Als hij dropt vloekt hij en zo. Hij zet alles in, en doet geweldige dingen tussendoor. En Viktor Gyllenberg, hij is nu vooral actief in de dans- en klimwereld. Hij is doorgegaan naar de volgende ronde in CircusNext, hij en Iona Kewney, ze hebben iets samen. Maar hij deed een solostuk over…over mij (lacht). Hij had een vriend die gewond was geraakt, min of meer, en dat was ik. En dat was heel ontroerend, ook omdat hij zijn jongleertechniek erin verwerkt had. Hij gaf iedereen deze context om over na te denken terwijl hij het deed, en het was geweldig om te zien. Eigenlijk raak ik vooral geïnspireerd door individuen die oefenen en zo, meer dan shows. Maar dit zijn shows van mensen die materiaal laten zien dat ik mooi vind.

Ok. Maar als je wilt dat alles zo eerlijk is, en gebaseerd op de ervaring van de artiest, zou je dan niet heel veel circusshows krijgen die alleen maar gaan over het leven van de circusartiest, of…Natuurlijk zijn zij ook mensen, en ze beleven ook andere dingen, maar zou dat geen shows uitsluiten over grotere onderwerpen, of dingen die gebeuren in de maatschappij of zoiets? Of denk je dat je dat ook zou kunnen waarderen?

Ik weet het niet. Ja, misschien zouden er veel shows zijn over het leven van de circusartiest, maar dat vertaalt zich vrij gemakkelijk, zou ik zeggen. Het is ook weer niet zo anders dan een persoon zijn. En als circusartiest worstel je ook met sommige van dezelfde kwesties als andere mensen. Maar natuurlijk is het geen probleem als kunst politieke of sociale kwesties oppakt. Ik denk dat het vrij belangrijk is dat kunst en kunstenaars dat proberen te doen. Maar je kunt dat ook vanuit een eerlijk perspectief doen denk ik. Ik denk dat je een circuspersoon kunt zijn die zoveel met circus bezig is en nog steeds een eerlijke bijdrage kunt leveren aan een conversatie over de maatschappij of een mening kunt hebben over iets. En soms weerspiegelt het vrij goed geloof ik, ook al gaat het alleen maar over het circus. Ik heb veel saai circus gezien dat alleen maar over de circuspraktijk gaat. Het moet wel iets meer zijn. Een strijd of een wil om dit of dat te doen. Bij Wes en Patrik kan ik ze hun materiaal zien doen en kan ik zelf nog zoveel meer in het materiaal interpreteren dat ik het gevoel krijg dat ze me iets te geven hebben. Iets meer dan: zij willen een circusshow doen over circus. En ik kan je niet uitleggen waarom ik kan huilen als ik naar hun stukken kijk. Maar ik denk dat ze iets anders proberen te bereiken, of ze bereiken iets anders, ook al jongleren ze alleen maar. Maar ook, als je het doet via jongleren als kunstvorm, en je hebt een maatschappelijke kwestie of zo, hoe duidelijk kun je dan zijn? Ik vraag het me af…

Ik ook!

Misschien niet zo duidelijk over wat je precies wilt doen, maar misschien kun je me het gevoel geven dat je iets anders wilt zonder het onder woorden te brengen…Voor mij zijn woorden natuurlijk niet verboden, ik denk dat het best cool is om woorden te gebruiken. Het is makkelijk en het werkt. Mensen horen wat je zegt en kunnen het laten bezinken en dan kun je ze kick-ass jongleren geven. Ik kan een hekel hebben aan politiek circus dat niets om het circus geeft. Ze willen een politieke boodschap of een kwestie behandelen, maar ze geven geen zak om het circus en toch willen ze een circusshow doen. Dan vraag ik me af: waarom wil je een circusshow doen over een situatie in Iran terwijl je een soort performance ding doet dat niet zoveel over circus gaat, maar je noemt het toch circus….En dan begrijp ik het niet. En dan raak ik in de war. Als ik nu een soloshow zou doen, voor mezelf, op het podium, denk ik niet dat ik het als circusshow zou doen. Ik zou mensen de oren van het hoofd praten en ook wat fysiek materiaal doen. Maar ik zou het geen circusshow noemen.

Het is interessant dat je zegt dat circus nog steeds je voornaamste ding is. Want tegelijkertijd ben je er redelijk kritisch over en er gebeurt zoveel dat je niet aanspreekt. En je doet ook veel met dans. Moeten we ons zorgen maken dat je over gaat lopen?

Nee, ik zit er helemaal in. Maar ik wil me wel vrij voelen om wat dan ook te doen. En als ik circus wil doen, is het met een passie voor circus, en dat is een ware passie. Het is nog steeds het belangrijkste ding voor mij. Behalve misschien street dance, hele goede geïmproviseerde street dance battles, free style dingen met geweldige dansers. Dan kan ik huilen en schreeuwen en denken: ‘Dit is emotioneel, dit is echtheid.’ Dat en circus is voor mij…iets echts. En ook live muziek. Een muzikant die live speelt en door wie je geraakt wordt, dat geeft je zoveel. Ik ervaar dat nooit in theaterstukken. En in dans gebeurt het als ik het circus erin voel, of als ze circusmensen erin gebruiken. Waarom Peeping Tom een geweldige show kan doen is mogelijk omdat die drie mensen uit de circuswereld afkomstig waren en daardoor hebben ze die ruige fysieke echtheid in de show. Ik hou daarvan. Er is veel waar ik van hou en veel waar ik niet van hou. Maar als ik circus doe, zou ik circus doen dat ik zelf graag zou zien. Het kan iets zijn wat niemand anders wil zien in de toekomst, omdat mensen vaak dol zijn op dingen waar ik een hekel aan heb.

Maar ik denk dat Undermän min of meer aan je omschrijving voldoet van wat je wilt zien, en toch zijn er veel mensen die het waarderen.

Ja. Als ik met mensen praat, zijn ze het vaak met me eens. Zoals: ‘Deze show voelde zus en zo voor mij’, en mensen zeggen: ‘Ja precies, er zou zoiets moeten gebeuren.’ Maar er zijn dan nog steeds zo’n achthonderd mensen om mij heen die :’woooaaah woooaah!’ roepen. En je vraagt je af: ‘Wat is hier mis? Hoe kun je dit accepteren?’ En dan ben ik een dag lang of zo boos. Maar ik kan nog steeds weg zijn van de mensen op het podium. Ik kan zeggen: ‘Je bent een geweldige artiest, geweldig. Ik maak me zorgen om je context, maar jij bent geweldig.’ En soms maken deze mensen later dan iets wat ik waardeer, of iemand anders creëert iets met ze waar ik van hou.

Mattias Andersson, Matias Salmenaho, Peter Åberg

Heeft het spelen van deze show en werken in andere rollen dan jullie gewend zijn iets veranderd aan de manier waarop jullie jezelf zien, of misschien wat jullie denken te kunnen zijn in de toekomst?

Mattias: Ja. Tenminste voor mij heeft het veel veranderd, want voorheen had ik altijd de indruk dat ik afhankelijk was. Als je met een partner werkt ben je altijd afhankelijk van ze. Vooral als je een ‘onderman’ bent krijg je niet zoveel aandacht. En het kostte me echt veel moeite om te geloven dat het genoeg zou zijn om alleen mezelf te zijn op het podium, dus dat was interessant om te zien. In deze show zijn wij ook partners, maar we hebben overal onze eigen stukjes. En het werd me duidelijk dat zolang je de wil hebt en bereid bent moeite te doen, er altijd een manier is om op het podium te staan, op een of andere manier. We speelden in Neerpelt en de man van Les Colporteurs kwam naar onze show en maakte opnamen van wat onderdelen voor een documentaire die hij aan het maken is. Het was heel interessant om zijn meningen te horen en te beseffen dat er tegenwoordig meer mensen zijn die dit soort shows maken, die gebaseerd zijn op situaties uit het echte leven en ‘documentair’ aandoen. Ik vind het interessant dat mensen een sterke drang hebben om veel verschillende persoonlijkheden te zien. Voorheen was showbusiness oppervlakkiger. Sommige vormen worden nu wat natuurlijker.

Peter: Ik heb me gerealiseerd dat het nooit…Ik bedoel ik heb mijn hele leven, of al mijn training hiervoor, geprobeerd om een zo goed mogelijke techniek te krijgen en het allermoeilijkste te doen op het podium, maar ik denk dat ik me vooral met deze show heb gerealiseerd dat het nooit gaat over wat je doet, maar hoe je het doet. In deze show is het heel fijn en natuurlijk om op te treden. Ik kan mezelf zijn en het maakt niet uit…het is bijna beter als we een truc missen en hem opnieuw moeten doen. Want we kennen elkaar zo goed en hebben plezier, dus kunnen we het met een beetje humor oplossen. En ik heb het gevoel dat we het vrij goed brengen, soms zelfs beter, als we een truc missen. Voorheen was het nooit zo. Eerder wilde ik altijd de moeilijkste dingen doen, op een perfecte manier. Dus het heeft me wel wat inzichten gegeven over optreden.

En Matias, hoe denk jij erover?

Matias: Ja, een show als deze spelen; het is nu mijn show, of onze show. Het is niet zoals wanneer iemand anders hem gemaakt heeft en wij slechts optreden. Ik ben nog nooit bij zo’n soort show betrokken geweest. Deze zo vaak spelen heeft me een nieuw gevoel voor optreden gegeven. Ik heb al aan veel verschillende shows meegewerkt en soms ben je er gewoon voor een act van vijf minuten en dan kom je aan het einde weer het podium op. Je doet je act misschien met het extreme gevoel dat je hebt, maar het gaat meer om je techniek of om je act; niet om jou. En dit is een hele show over ons. Dus het is heel anders. Maar goed. Het is heel goed geweest. Want niemand kan me zeggen: ‘Nee, dat is niet wie jij bent!’ Ik kan gewoon zeggen: ‘Je hebt werkelijk geen idee wie ik zou moeten zijn!’

Peter: Ja, en het is ook heel prettig dat we alles gekozen hebben dat op het podium gebeurt. Er zijn wat stomme dingen, maar dat is omdat we wilden dat die er zouden zijn. En er zijn hele trage stukken, eigenlijk vooral dankzij Olle. Maar er is niets wat we haten maar nog steeds elke avond doen. Alles is er omdat het zo bedoeld is.

En denken jullie dat jullie hierna ooit nog zouden kunnen passen in een van die grote shows die bedacht zijn door iemand anders en waarbij jullie slechts een klein deel van de grote machine zijn?

Peter: Jazeker, natuurlijk.

Matias: Maar het is gewoon zo geweldig geweest om deze te doen. Maar natuurlijk willen we dat misschien ook weer doen.

Mattias: Ik denk dat ik er waarschijnlijk behoefte aan heb om weer een van zulke shows te doen, waarbij je jezelf niet op een presenteerblaadje hoeft te geven. Want om opnieuw een show als deze te doen moet je meer ervaring opdoen.

Peter: Iets nieuws.

Mattias: Ja. Er moet iets gebeuren. Ik denk dat je een normaal leven moet hebben. Ik bedoel voor ons is een normaal leven op bepaalde manieren natuurlijk heel anders, maar ik denk dat je, om in staat te zijn om iets te vertellen op het podium, ook iets mee moet maken daarnaast. Dus voor mij zou het heel moeilijk zijn om meteen een vergelijkbaar project te doen. Ik zou iets van vijf of meer jaren nodig hebben, en dan kan er weer zoiets voorbij komen. Voor mij is dit heel interessant, want ik had het gevoel dat ik met mijn partner zo lang had samengewerkt dat we een punt hadden bereikt waar we niets meer te vertellen hadden. We hadden technisch een vrij hoog niveau bereikt en mensen waardeerden de acts, maar we waren zo…min of meer bekrompen ten aanzien van wat we aan het vertellen waren omdat het werkte, dus dan blijf je dat doen. Maar ik bereikte een punt in het leven waar ik het gevoel had van: ‘Dit geeft me niets meer, want ik produceer eigenlijk gewoon een of ander product.’ Het is als werken bij McDonald’s. Je probeert de burgers maar er zit altijd dezelfde dressing overheen. Het werd een beetje doelloos, dus ik verlangde naar een show als deze. En ik denk dat je altijd krijgt waar je om vraagt, dus op een bepaalde manier is de narigheid die ons alle drie is overkomen ook iets goeds.

Is er iets waarvan je altijd hoopt dat journalisten het vragen, maar wat ze nooit doen?

Peter: Dat is een goede vraag.

Mattias: Kun je ons vragen of we slim zijn?

Denken jullie dat mensen denken dat jullie niet slim zijn?

Peter: Ja.

Nog iets anders?

Mattias: Ik denk dat hij wil dat je hem [Peter, TO] een vraag stelt over de (rubik’s) kubus. Stel hem welke geeky vraag dan ook over de rubik’s kubus en dan is hij blij. Hij weet alles.

Ok. Peter, waarom ben je zo dol op de rubik’s kubus? Wat geeft hij je?

Matias: Dat kan niet in woorden beantwoord worden. (Matias komt overeind en beveelt Peter hetzelfde te doen en tilt dan zijn shirt op om een tatoeage te laten zien van een hand met een rubik’s kubus op zijn ribbenkast)

Peter: Ik ben verslingerd aan al dit…Ik bedoel, jongleren is ook een hele nerdy wereld (Mattias beveelt hem dan om mij zijn arm te laten zien, waar hij een tatoeage heeft van een jonglerend poppetje). Ik raak verslingerd aan alles wat systematisch is. Als je je ergens genoeg in verdiept kom je er niet van los en je, of in ieder geval ik, ik verdiep me er nog verder in en nu kan ik gewoon niet stoppen. Ik besteed er zoveel tijd aan en ik vind altijd weer nieuwe dingen.

Peter Åberg. Foto: Mattias Edwall

Peter Åberg. Foto: Mattias Edwall

En hoe zit het met jullie, hebben jullie nog obsessies?

Peter: Hij (wijst naar Mattias) heeft een fetisj voor shaker eggs. Hij heeft ze zo ongeveer overal. In bed, onder de douche, in de sauna.

Mattias: En als kind was ik verslingerd aan snowboarden en toen drums en sport. En dan ben ik heel erg koppig. Ik hou er niet van als dingen tijd kosten. Als ik iets wil leren, dan wil ik het meteen leren, ik kan niet wachten. Dus dat is soms een probleem. Het was ook wel een probleem met mijn partner, want ik wilde altijd alles meteen doen, en zij was wat meer ontspannen over zulke dingen.

Peter: Maar zij is ook degene die zich bezeert als je mist.

Mattias: Ja precies. Maar je moet op een bepaalde manier een beetje obsessief zijn om circus te doen. Het is veel werk voor niet zoveel…Ik bedoel, het levert niet zoveel op. Of misschien wel, maar als je geld wilt verdienen zijn er makkelijkere manieren, als je wilt optreden zijn er makkelijkere manieren. Het is niet de makkelijke keuze denk ik. Je begint er min of meer aan omdat je ergens een obsessie voor krijgt. Voor ons was het eerst jongleren. Je leert een truc en dan wil je een andere leren en nog een andere en dan wordt het meer en meer, zoals acrobatiek en dit en dat. Soms kijk ik naar mezelf en heb ik geen idee hoe ik terechtgekomen ben waar ik ben. Alsof ik totaal de weg kwijt ben. Ik realiseerde me pas: ‘Oh, ik ben opeens hier.’ Ik was nooit van plan een circusartiest te worden.

Peter: Nee, ik ook niet.

Niemand van jullie?

Matias: Ik wist het. Ik wist dat ik dit wilde zijn. En nu ik het ben…(lacht) is het niet zo geweldig! Nee het is geweldig. Ik zal nooit stoppen. Zo lang als ik leef. In ieder geval niet helemaal. Want ik hou van allerlei verschillende soorten circus en podiumkunsten, zoals muziek. Ik denk niet dat ik ooit zal stoppen met podiumkunsten.

Dan is het denk ik maar goed dat het hedendaagse circus zoveel kan zijn, je kunt zoveel doen op het podium en er zijn zoveel meer stijlen…

Peter: Ja. Je kunt wat je maar wilt hedendaags circus noemen. Ik los een kubus op op het podium en noem het gewoon circus. Mooie tijden.

Dit was het derde van een serie van vier delen van het interview van Tessa Overbeek met Olle Strandberg, regisseur van de voorstelling Undermän, en de artiesten Mattias Andersson, Matias Salmenaho en Peter Åberg. Het laatste deel, over het leven na Undermän, zal op 10 september online verschijnen. Deel 1 vind je hier, deel 2 hier.

Reageer