Groep: o ultimo momento
Voorstelling: contigo
Door Eveline Alders

CONTIGO – O ULTIMO MOMENTO

CONTIGO – een prachtig woord, Portugees (en Spaans) voor: met jou – zou goed de titel kunnen zijn van een voorstelling met een zekere romantische en/of dramatische lading. Op het kale speelvlak zien we een Chinese mast, een stoel, een jonge man. Een kleine zwarte steen komt tevoorschijn uit een witte vierkante doek, die een ‘echo’ heeft in een groter vierkant lichtvlak op de vloer rondom de mast en een kleinere op het achterdoek. Er is geen tweede persoon waarop contigo terugslaat. Al kijkend verspringt mijn idee over wie ‘de contigo’ kan zijn van de mast naar het steentje, naar de stoel en weer terug naar de mast. “Mijn doel is niet om te zijn of niet te zijn, maar een danser te zijn in harmonie met de Chinese mast en met mijn lichaam”, stelt João Paulo P. Dos Santos, één van de twee leden van het Portugees-Franse gezelschap O Ultimo Momento. Daarin schuilt, hoe abstract ook, de sleutel van de voorstelling: Dos Santos toont ons een zoektocht naar die gewenste harmonie in zijn relatie met de mast. Dat die niet ‘vanzelf’ tot stand komt wordt snel duidelijk. Het publiek is getuige van zijn worsteling, met alle successen, versmeltingen, woede, uitputting en eenzaamheid van dien. 

De Chinese mast heeft zijn beperkingen als object en als materiaal om iets anders over te brengen dan de sensatie van trucs met een redelijk hoog adrenalinegehalte. In CONTIGO levert de mast in combinatie met de spanbanden, de zwarte vloer en de witte vierkanten van licht en doek een interessant, grafisch toneelbeeld op. Een zwart/wit-beeld kan gemakkelijk in iets over-esthetisch uitmonden, maar dat is hier niet het geval. Er ontstaat voor de kijker een onnadrukkelijk verband tussen de man en het toneelbeeld. Dat heeft alles te maken met de overtuigende, eenduidige aanwezigheid van Dos Santos. Er is sprake van esthetiek, maar dan van een kale eenvoud en met een beetje een rauw randje. Ook is het meteen duidelijk dat Dos Santos, die beschikt over fabuleuze vaardigheden, niet uit is op de adrenaline.
Er is iets afgemetens en afgepasts aan de stappen die Dos Santos onderneemt. Gaandeweg wordt de strakheid daarvan onderbroken door conflictsituaties: tussen de speler en het materiaal, tussen de speler en de ruimte, de speler en zichzelf. En gaandeweg verander ik van betrokken kijker in toeschouwer: ik verdwaalde in de inspanning, de frustratie en nog meer inspanning, de sequenties – mast in, mast uit, met stoel, zonder stoel, stoel in het licht, er weer uit, de steen die tevoorschijn komt en weer verdwijnt. Van een relatie met, laat staan harmonie tussen de speler en het publiek is wat mij betreft geen sprake meer. Een groot gevoel van eenzaamheid maakt zich van mij meester. Die wordt deels veroorzaakt doordat de zoektocht mij meer en meer gespeeld voorkomt: een opeenvolging van opdrachten die Dos Santos uitvoert, allicht ooit voortgekomen uit een authentiek onderzoek, maar waarvan de ziel en bezieling hier en nu, in de zaal, met publiek, vervlogen zijn. De enerzijds monotone, anderzijds heftige soundscape van strijkinstrumenten versterkt het gevoel van crisis en het gemis aan dynamiek.
Wat blijft is dan het meesterschap, de spanning van Dos Santos’ kunnen -de controle, de uitputting, wat mooie beelden door verplaatsingen van het witte vierkant en als hoogtepunt zijn val, simultaan aan die van de zwarte steen: het toppunt van eenwording met het materiaal.

Bij het applaus presenteert Dos Santos de Chinese mast zoals je je medespeler bedankt. Naar mijn idee heeft zoektocht in de relatie met de mast geen harmonie gebracht – daar is het materiaal te weerbarstig voor en de zwaartekracht omnipotent. Wellicht was het zwarte steentje een betere vriend – daar kon hij in elk geval heel erg mooi samen mee naar beneden vallen.

Meer informatie en beelden uit de voorstelling vind je hier.

Wil je meer recensies lezen over deze voorstelling, kijk dan op Sideshow Magazine.

Reageer