Door Tessa Overbeek

CIE 111 – SANS OBJET

Een vreemde vorm doemt op uit de duisternis. Het blijkt een metershoge berg van zwart, glanzend plastic te zijn. De reflecties van het sterker wordende licht geven diepte en structuur. Nog mooier wordt het beeld als de berg tot leven komt en een soort dans maakt op mysterieuze, mechanisch aandoende soundscapes. In de bewegingen ontstaan nieuwe beelden. Al snel lijkt het een imposante duistere tovenaar, of een met olie besmeurde zeevogel, of een knielende weduwe, of een dinosaurus, of Darth Vader, of ET in een regencape, of… Sans objet weet al in de eerste momenten op een originele en oogstrelende manier de verbeelding te prikkelen en de oh zo menselijke neiging tot antropomorfiseren op te roepen: door subtiele gelijkenissen met menselijke of in ieder geval bezielde bewegingen worden we verleid de berg te gaan beschouwen als een van ons. Zo creëert deze intelligente voorstelling snel en effectief een spanningsveld waar alles daarna om zal draaien.

Twee mannen in nette pakken verschijnen ten tonele. Een van hen ontdoet zich van zijn jasje terwijl de ander met veel moeite en gestuntel de omvangrijke, donker glanzende robot onthult die schuilging onder het plastic. De illusie is aan diggelen: er is niets menselijks aan het gladde metalen oppervlak, de geschroefde onderdelen, het spiraalvormige snoer dat de bovenkant omwikkelt. Hij snort wanneer hij opzij beweegt, knarst en kraakt luid als hij zich opricht, sist wanneer hij iets oppakt. Hij is ontdaan van elke franje en elke imperfectie. Alles is functioneel, industrieel: niet om mee te spelen. Het is geen lichaam waar we naar kijken. Op z’n hoogst is het een lichaamsdeel: met een schoudergewricht op de vloer, een draaiende en scharnierende elleboog erboven en een gebalde vuist bovenop.

Maar toch: als de arm op een bepaalde manier gedraaid is, en de vuist opzij kantelt als het hoofd van een bedelende hond of een interesse tonende mens, beginnen categorieën te verschuiven. Zelfs zijn mechanische geluiden lijken al snel op de zuchten, steunen, kreten en grommen van een levend wezen. Aan de machine zelf is niets veranderd. Alles wat hij hoefde te doen was op een bepaalde, herkenbare wijze bewegen en onze perceptie maakt het verschil. Door de robot te verplaatsen van zijn natuurlijke habitat, een fabriek, naar het podium, waar hij zijn oorspronkelijke functie verliest, stelt bedenker, scenograaf en regisseur Aurélien Bory ons in staat hem op nieuwe manieren te bezien. Een van de mogelijke vertalingen van sans objet is dan ook ‘zonder doel’.

In de interessante interactie die ontstaat tussen de mannen en de machine zetten de mensen hun beste beentje voor, maar het is duidelijk wie de hoofdpersoon is. Hun motorische vaardigheden zijn indrukwekkend, maar de robot heeft de touwtjes in handen en steelt de show. Deze ontvouwt zich redelijk langzaam en zonder sterke climaxen. Toch blijft het spel tussen de ‘acteurs’ boeien, mede dankzij de sfeervolle soundscapes, die een zekere kalmerende, hypnotische cadans hebben, zoals stoommachines en hartslagen.

Photo © Aglaé Bory

Photo © Aglaé Bory

Sans objet is een feest voor bijna alle zintuigen en ook de variatie in de voorstelling houdt hem interessant. Bory zet nadrukkelijk in op combinaties van verschillende kunstvormen. Beeldende kunst is daar ongetwijfeld een van. Bijna ieder moment is een duidelijk vormgegeven compositie: het is een vorm van live beeldhouwen met licht, plastic, podiumstukken – die op uitzonderlijk ingenieuze manieren gebruikt worden – de robot en de menselijke lichamen. De stijl voelt soms minimalistisch aan, maar er wordt maximaal gebruik gemaakt van middelen en ideeën. Steeds opnieuw is er een andere toepassing gevonden voor ieder element. Alles wordt continu gedeconstrueerd en gereconstrueerd.

Er zijn elementen van dans, fysiek theater en optische illusies die aan (nouvelle) magie doen denken, met lichaamsdelen die verschijnen, verdwijnen, gespiegeld en vervormd worden terwijl de mannen steeds meer controle verliezen over zichzelf. Dit leidt tot enkele komische momenten, maar legt tegelijkertijd slim een basis voor betekenissen die verder ontwikkeld worden naarmate de voorstelling vordert. En circus dan? Herkenbare circustechnieken vind je in deze voorstelling niet makkelijk terug, hoewel de manieren waarop de mannen hun kracht, balans en vormspanning inzetten doen denken aan vormen van acrobatiek. Er is een zeker risico als hun voeten de grond verlaten, maar noch het gevaar, noch hun vaardigheden worden opzichtig tentoongespreid. Bory noemt de mensen op het podium bewust ‘acteurs’, onder andere om hun status als normale mensen te benadrukken, waar circusartiesten vaak geassocieerd worden met bovenmenselijke vermogens. In Sans objet wordt hun kracht paradoxaal genoeg gebruikt om hun machteloosheid te laten zien.

Het is ook mogelijk om een deel van wat er op het podium gebeurt te omschrijven als ‘objectmanipulatie’, hoewel degene die de robot bestuurt bijna onzichtbaar is, en de robot zo’n sterk personage is dat hiermee de vraag wordt opgeroepen wie wie manipuleert, en of het object niet eigenlijk een subject is. Het is niet moeilijk om temperamenten en emoties aan hem toe te schrijven. Hij lijkt complex en onvoorspelbaar: het ene moment WALL-E, het andere een Decepticon. En dit beïnvloedt weer onze perceptie van zijn menselijke medespelers. Is de voorstelling echt ‘zonder objecten’? Zelfs film wordt opgenomen in de multimediale mix, met een dialoog uit de film 2001: A Space Odyssey van Stanley Kubrick. Het is een gesprek tussen de menselijke hoofdpersoon en de robot HAL, die in staat blijkt tot leugens en bedrog. Podiumstukken lijken opeens sterk op de monolieten uit deze film, en voor je het weet zit je na te denken over de rol van technologie en de kosten van vooruitgang.

In Sans objet wordt de aloude maar nog steeds urgente vraag of we minder mens worden naarmate machines meer en meer van onze handelingen overnemen op vernieuwende manieren benaderd. Bory’s multimediale aanpak valt hier prachtig mee samen. Elke kunstvorm is functioneel en roept betekenissen op. Door een heel scala aan technologieën in te zetten die de mens heeft gebruikt om zijn omgeving vorm te geven, moedigt hij ons aan na te denken over de manieren waarop zij op hun beurt ons vormen. Dit maakt de voorstelling moeilijk te categoriseren, maar wat geeft dat? Het feit dat Sans objet in ieder geval tot de podiumkunsten behoort, en acteurs en publiek dezelfde tijd en ruimte delen, zorgt ervoor dat zijn vragen krachtig en helder binnenkomen. We zijn allemaal onderdeel van de kwestie, worden er evengoed door meegesleept, zijn eraan onderworpen.

Net als de performers op het podium worden wij als publiek constant bespeeld en in allerlei richtingen bewogen. We worden meegevoerd, verbaasd, verrast en vermaakt en dat geeft een goed gevoel. Wat Sans objet bijzonder maakt, zijn de momenten waarop de betovering verbroken wordt en we ons tijdelijk bewust worden van de invloed die op ons uitgeoefend wordt. Onze ervaring wordt bewerkt, maar er wordt ons niet verteld wat we moeten denken. Het is veel subtieler en sluwer dan dat. De mogelijke interpretaties zijn even talrijk als de gebruikte kunstvormen, of misschien voelt het maar zo. Het publiek lijkt in ieder geval te genieten van het spel en gegrinnik onderbreekt regelmatig de stilte. Maakten draaiende radertjes in mensenhoofden maar geluid! Het meesterlijke einde van deze kunstig geconstrueerde voorstelling wordt begroet met een oorverdovende staande ovatie. Mooi, hoe iets wat zo onderscheidend, gedurfd, complex en artistiek is, tegelijkertijd zo breed gewaardeerd kan zijn. Mogelijk leeft de indruk lang genoeg voort om zelfs buiten het podium de perceptie te veranderen. Mij heeft Sans objet in ieder geval nog steeds niet losgelaten.

 

Concept, decorontwerp en regie | Aurélien Bory Spelers: Olivier Alenda Olivier Boyer Robotbesturing en programmering | Tristan Baudoin Muziek | Joan Cambon Licht | Arno Veyrat Artistiek advies | Pierre Rigal Regieassistentie | Sylvie Marcucci Geluid | Stéphane Ley Kostuum | Sylvie Marcucci Technisch ontwerp | Pierre Dequivre Productie | Cie111 Coproduction | TNT-Théâtre National de Toulouse Midi-Pyrénées, Théâtre Vidy-Lausanne, Théâtre de la Ville-Paris, La Coursive-Scène nationale La Rochelle, Agora-Pôle national des arts du cirque de Boulazac en Le Parvis- Scène nationale Tarbes-Pyrénées

Gezien op 18 augustus 2013 tijdens het Noorderzon Performing Arts Festival in Groningen

 

 

 

 

 

 

 

Reageer